maandag 4 januari 2016

Rome

Ziekzijn is niet fijn, maar wel goed voor de culturele ontwikkeling. Om de tijd rond het slapen te doden kijk ik films. Lezen wil niet, maar films kijken wel. Nu vind ik de film 'La Grande Bellezza' van Paolo Sorrentino. Hij is geloof ik onlangs door de VPRO uitgezonden. Een fantastische kolkende rijke maar ook deprimerende film, over de feestende elite van Rome. Hoofdpersoon is een 65-jarige journalist, die ooit een mooie roman geschreven heeft maar sindsdien decennialang de koning van het mondaine leven is geweest. Pracht en praal, ok, maar vooral leegheid alom. Práchtige film.

O, dat is bijzonder, Sorrentino is de regisseur van de film 'Youth' die nu draait en waar ik vorige week graag naar toe wilde.

Poortwachtster

Natuurlijk ben ik niet de enige die op deze eerste maandagochtend van het jaar naar de huisartsenpraktijk belt. Elf wachtenden voor mij. Een half uur lang zegt het bandje 'Wij danken u voor uw begrip'. 

Dan komt er een piepjonge assistente-stem die zegt: 'Een gekneusde rib duurt tien weken. U kunt elke zes uur een paracetamol nemen.' Ze vindt dat ik niet hoef te komen. De poortwachter van de poortwachter. 

'Maar ik wil graag dat de dokter ernaar kijkt en advies.' De assistente herhaalt het advies en voegt  er ook nog 'rust houden' aan toe. 'Maar ik wil graag een afspraak met de dokter!' De aanhouder wint. Nu mag ik morgenvroeg om tien voor negen. Wat is rust houden in deze tijden? Is het verstandig om met deze rug naar het werk te gaan? Mij lijkt van niet. Nu nog even niet. Het liggen helpt. Maar hoe lang dan?

zondag 3 januari 2016

Op avontuur

Als je dan toch plat op bed ligt moet er maar wat edutainment in. Op de rechterzij liggend voel ik de pijn vrijwel niet. Drie afleveringen van Joanna Lumley's Trans-Siberian Adventure bekijk ik. Onlangs uitgezonden door Omroep Max. Wonderlijk fenomeen, zo'n reisverslag aan de hand van een ster, want je ziet meer van de ster dan van het land, maar aan de andere kant: zij biedt wel een opening. 

Wel verbaas je je er natuurlijk voortdurend over hoe ze met slechts een handtas over die verre stations de treinen in huppelt, er is natuurlijk een heel productieteam paraat om al haar en hun bagage te vervoeren. Lumley reist van Hongkong door China via Mongolië en Siberië naar Moskou. In Hongkong heeft ze als kind gewoond, in Moskou heeft ze ooit in 1966 in een metrostation model gestaan. Dat is de rode draad.

Maar toch is het leerzaam: de uitbreiding van Hongkong steeds meer land de zee in: dat wist ik niet. Die 9000 km Chinese Muur, in 276 jaar gebouwd, dat realiseerde ik me niet. Dat er gelukkige mensen wonen in de snijdende kou van Siberië, dan kun je je nauwelijks voorstellen. Al die eindeloze landschappen, gigantische grote steden waar je nooit van gehoord hebben, Chinese kindjes die Europa en Engeland en Londen niet kennen. Een restaurant in Beijing waar Mao en de Culturele Revolutie gevierd worden.

Miemelkont

Terwijl ik mezelf nu toch wel een beetje zielig ga vinden, want ik lig pijn te lijden en ik heb zin in ontbijt, en Bobby wordt maar niet wakker, komen er allemaal negatieve woorden over 'zielig doen' uit mijn jeugd boven drijven. Zielig doen, dat mocht niet. Flink zijn, dat was de norm. En ik huilde best veel als kind. En ik kan het nog wel.

De ergste woorden die komen bovendrijven zijn 'miemelkont' en 'jankbil'. Wie die woorden bezigde weet ik niet (Vati? Mutti?) dat moet ik eens bij de Geschwister navragen. Als je het woord 'miemelen' googelt vind je dat het een verdwenen streekwoord is. Betekenis: zeuren. Voor mij is die toch specifieker. Miemelen is zielig doen met een klein dun stemmetje. Kleinzerig, kinderachtig. Je hebt ook nog het woord 'jeuzelen', dat ik erg mooi vind, maar dat is meer eindeloos doorzeuren zonder clou. 

Als je 'miemelkont' afbeeldingen googelt krijg je o.a. plaatjes van puppies. Blijkbaar wordt het ook voor piepende jonge hondjes gebruikt?

'Jankbil' is in mijn beleving een hatelijker woord. Wat ben jij toch een jankbil. Nog gemener dan jankerd. Het is vooral een woord vol zelfhaat: wat ben ìk toch een jankbil. Bobby vindt die woorden heel erg grappig en begint ze allemaal tegen mij te bezigen, wat mijn ongeluk alleen maar vergroot.

zaterdag 2 januari 2016

Nabeschouwing

Op het verjaardagsfeestje is ook iemand die werkt op de redactie van NRC. Het lijkt ons leuk om het NRC-Kerstdiner met hem te behandelen. 

Hij gaat er geheel van uit dat wij het hele fenomeen veroordelen dat NRC allerlei producten verkoopt naast de krant, maar dat is helemaal niet zo. In alle verwarring van deze conversatie hoort hij pas na 10 minuten dat wij het diner in kwestie besteld hebben en er zeer van genoten, en dat bij òns alles goed was gegaan, ook al liep het project logistiek en communicatief in het honderd. De mailtjes die we kregen van het bezorgbedrijf waren uitgesproken hilarisch. Mij lijkt het aardig als NRC een stuk schrijft over het debacle, ik wil best aan het woord als een van de klanten die tevreden waren, maar ik geloof dat het issue te gevoelig ligt ter NRC-redactie. 

Zuster!

'We bellen naar de huisartsenpost. Daar willen ze eer ze je te woord staan alles weten; je zorgpas, je bsn. Na lang doorvragen en onderling overleg wil de dokter me toch wel zien om uit te sluiten dat er geen wervel stuk is. Maar: dan moet ik wel komen. Jeetje, zeg ik, ik weet niet eens of ik wel in de auto kan. Waar is deze huisartsenpost eigenlijk? In het Diakonessenhuis. En waar is dat? In Utrecht Oost. Ze waarschuwt dat het erg druk is en dat ze al een uur uitloop hebben.

De huisarts aldaar schat in dat het een kneuzing is van een gewricht tussen wervels en ribben, dat daar een zwelling is die op een zenuw duwt. Zal nog wel een paar weken 's morgens 'stijfheid' geven. Stijfheid? Ik voel me toch een beetje onbegrepen. 'Hij heeft het zelf waarschijnlijk nooit gehad', appt Hani501 troostend.

Vanaf het ziekbed

Wat moet je als je ineens invalide op bed ligt? De verjaardagsvisite heeft allemaal goede raad. Eerst komen ze een voor een  boven op ziekenbezoek, met veel lieve aandacht en ongevraagd advies. Pijnstillen en spier-ontspannen met ibuprofen en oxazepan, spier-ontspannen met geleitjes, spier oprekken, niet compenseren met foute andere houdingen, blijven bewegen. Hoe goedbedoeld ook: dat is tamelijk onverdragelijk en dus ga ik maar naar beneden, tussen Bobby's vrienden staan, die inmiddels ook mijn vrienden zijn. 

De (r)entree die ik maak is onbedoeld prachtig, al zeg ik het zelf. Langzaam stap voor stap schuifel ik de trap af de woonkamer in, en de familie & vrienden roepen: 'Daar is ze, daar is ze!' En de jarige Bobby staat daar te stralen. Het is haast een ouderwetse bruidsscene: de bruid die in haar adembenemende trouwjapon naar beneden schrijdt. Zonder dan die adembenemende trouwjapon.

Een uurtje gaat dat wel, en dan weer naar bed. Daarna kijk ik op NLziet de film 'Kenau'. Over het beleg van Haarlem. Wat was het donker in 1572. Dat is op een iPad niet altijd even goed te zien. Maar verder een mooie film.