donderdag 28 februari 2019

‘Dame met griep’

Googelde ik en toen kwam dit plaatje. Het was heel erg. 36 uur out of order. Als ik zo verder moet leven, dan hoeft het voor mij niet meer. En dan ineens is het weer over.

dinsdag 26 februari 2019

Stretchen

Het is voorjaarsvakantie, dus alle cursussen zijn opgeschort. Net als naar 'Nederland Beweegt' kijken (dat deed ik vroeger aan de Zeeburgerdijk in de ochtend in bed) je ontspant omdat je je identificeert met de bewegende mensen, zo help het tekenen van stretchende vrouwen misschien ook wel.

Ontmoediging

Ik heb een Podiumkaart cadeau gekregen. Dat is wel fijn met al dat uitgaan van mij. De 'kaart' is digitaal. Alle gegevens zitten in de mail. Mailtje goed bewaren, zeggen ze. Dus wil ik een pasje. Op de site van de Podiumkaart hebben we allemaal informatie, maar niet daarover, en ze hebben liever niet dat je belt. Maar diep in de site vind toch ergens een telefoonnummer. 

Het jongmens aan de telefoon zegt dat het niet de bedoeling is dat iemand die een digitale cadeaukaart heeft gekregen ook een 'fysiek' pasje krijgt. 'Dat kan wel wezen', zeg ik, 'maar ik wil het toch. Moet u horen. Ik ga altijd met mijn vriendin Leen en die heeft weer een andere pas. We willen wel naast elkaar zitten, en dat kan niet alles je allebei verschillende digitale betaalkaarten hebt. We willen samen bestellen en apart aan de kassa afrekenen.' 'Maar u kunt toch een printje van die mail meenemen naar de kassa.' 'Ja duh', zeg ik, 'weet u hoe zo'n printje in de portemonnee er na een week uitziet. Rafelig. Smoezelig.' 'Dan print u elke keer opnieuw', zegt hij. 'Nee', zeg ik, 'ik wil een káártje. Dat kan heus wel.' 

Nou ja inderdaad, het kón wel.  En het gaat zo: eerst moet ik mijn cadeaukaart registreren. Dan hebben ze 24 uur nodig om die registratie te verwerken, en dan moet ik over 24 uur via het contactformulier een verzoek doen om een plastic kaart. Dat is je reinste ontmoedigingsbeleid.

Eigenlijk heb ik geen goede tag voor dit bericht. Het is niet het veelgebruikte 'apparatenstress', maar 'helpdeskstress'. 

maandag 25 februari 2019

Zon

Will heeft de omgeving rond Kasteel de Haar uitgekozen voor onze maandagmiddagwandeling en we gaan elkaar treffen bij kinderboerderij Geertjes Hoeve even buiten Vleuten. Daar de meeste horeca in deze tijd van het jaar op maandag gesloten is - zo ook Geertjes Hoeve - had ik even gebeld. Het is voorjaarsvakantie, zeiden ze, natúúrlijk zijn we open. Er staan wel honderd auto’s op de parkeerplaats. Zo niet veel meer. En evenzovele (groot)ouders en kinderen. Mutjevol. We doen maar geen koffie.

Het is daar ten noordwesten van Vleuten richting Haarzuilens een bééldschoon rustiek en pittoresk landschap. Dat Groene Hart. En dan dat protserige 19e eeuwse kasteel. 

Maar Leidsche Rijn rukt op. Het nieuwste villawijkje in aanbouw raakt al bijna Geertjes Hoeve. Voor de omzet van Geertjes Hoeve is de expansie van Leidsche Rijn alleen maar winst. Al die jonge gezinnen moeten toch ergens naar toe. 

Enfin, we vermijden Geertjes Hoeve en wandelen prachtig. Koffie doen we op het terras van het Kasteel. Het is ook bloedheet. Weer een warmterecord. Die winterjas had echt niet mee gehoeven.

zondag 24 februari 2019

Berlijn

Gelezen: Terug naar Berlijn van Verna B. Carleton. Uitgegeven in 2017 door Querido. Het is een soort roman uit 1959, het debuut van een Amerikaanse journaliste. Het is dan alweer ruim tien jaar na het einde van WO II, Berlijn wordt weer opgebouwd. Er is een oostelijke en een westelijke zone, maar de Muur is er nog niet. 

De vertelster is een journaliste die op een boot van Florida naar Europa een Brits echtpaar ontmoet, met wie ze bevriend raakt en mee reist naar Berlijn. Hij blijkt Duitse jood van geboorte die in 1934 hals over kop Duitsland wist te ontvluchten en zich in de UK heeft naturaliseren, een nieuwe naam heeft aangenomen en behalve zijn vrouw weet niemand dat hij Duits is/was. Het gaat niet goed met hem, en ze gaan Berlijn bezoeken om te zien wat er nog over is. 

Zijn oude tante Rosie woont nog in zijn ouderlijk huis. Zijn vader is in 1936 overleden in de gevangenis. Heeft daar notities gemaakt. Er zijn weinig mensen meer over maar nog wel wat. De werkelijkheid van degenen die de oorlog overleefd hebben is niet zoals de banneling zich voorstelde, en andersom. Er is een gigantische bouwdrift en voormalige nazi’s zitten weer op vooraanstaande posten. Of het een heel goed boek is, ik geloof het niet, ik hen nogal de neiging om snel door te bladeren, maar het gegeven is wel interessant. Hoe zo’n land er jaren na een oorlog weer bovenop lijkt te krabbelen. Wat verandert er eigenlijk? Veel taboes, veel onder het tapijt, veel kwetsuren, gewonde mensen. 

Direct in de volle grond

Krijg een nieuwsbrief in de mailbox van de site Zaaikalender.com, waarin ze melden dat je door de vroege lente nú al sommige groenten in de volle grond kunt zaaien. Daar geloof ik natuurlijk niets van, het is februari! Bietjes, doperwten, kapucijners, radijsjes, veldsla, spinazie, tuinkers, uien en tuinbonen. Maar de zon schijnt zo mooi. Ik ga het gewoon proberen, niet in de volle grond, eerst maar eens in potjes. En als het gaat vriezen, dan gaan die potjes gewoon naar binnen. Nee heb je. U ziet hoeveel zin ik n de lente heb: druifjes, violen...

zaterdag 23 februari 2019

Sterrenkunde

Weer even naar Vlaardingen. Zaterdagmiddag is mijn nieuwe bezoekmoment. Groot voordeel is dat er op zaterdagmiddagen rond Rotterdam en Gouda meestal geen file is. En Bobby gaat dan als dank de boodschappen doen en een verrukkelijk maal voor mij koken. Vandaag varkenshaasjes in roomsaus. Tegenhanger van al mijn recentelijke veganistische recepten.

Zo’n bezoek betekent alle belevenissen uit de piepkleine wereld van een 89-jarige in een woonzorgcentrum meebeleven: ‘Waar zijn mijn Danoontjes?’ ‘Waar is mijn Gehoorapparaat?’ ‘Wil je mijn stapel onderbroeken even bekijken? Sommigen zijn véél te strak.’ ‘Ze vinden hier dat mijn poloshirts vaker in de was mogen. Ik vind het genoeg als je ze af en toe te luchten hangt.’ ‘Wat ben ik blij met de nieuwe bibliotheekboeken, de vorige waren helemaal niks.’

Ik word steeds meer een echt kind van haar, sans gene. 

We kuieren naar het halletje met de vogelkooi waar twee medebewoners zitten, Ben en Jannie, allebei begin zestig, jonkies in deze woonomgeving. Je weet niet wat er met ze is, lichamelijk, psychisch, dus men behandelt elkaar met alle egards. 

Ik schaam me voor mijn kleren, zegt Jannie. Ze draagt een spijkerbroek, een sweater en een mouwloos vestje. Kraakhelder. Niets mis mee. Schoonmama prijst Jannies mouwloze vestjes omstandig, en voegt er dan aan toe dat zíj zich zelf schaamt. Omdat ze hier maar zo weinig kleren heeft. Het is me toch wat, het leven in een woonzorgcentrum. 

‘Boeken’, zegt Ben, ‘dat lijkt me wel een mooie ontspanning.’ ‘Lees jij wel eens een boek?’ vraag ik hem. ‘Nee’, zegt hij. Maar dan ineens leeft hij op: ‘Sterrenkunde, daar zou ik wel een boek over willen. Dat interesseert me.’

vrijdag 22 februari 2019

Emoes

Rampzalige dag. Ga ik niet over uitwijden. Om enigszins te kalmeren probeer ik de emoe. Die zagen we gisteren in de regen in het Amstelpark. Dit is meer Australisch weer. De emoe is geen struivogel maar wel familie. Het is een vogel maar hij heeft geen vleugels en kan niet vliegen. Hij heeft voeten met drie tenen.

Voor wie meer wil weten: dit pluk ik van de site van het Wereld Natuurfonds: 'De emoe is een grote loopvogel. Zijn verenpak lijkt op een vacht. De kleine vleugels gaan er geheel in verborgen. Lopend kan hij een behoorlijke snelheid ontwikkelen en grote afstanden afleggen. De paartijd valt in december en januari, dat is in Australie de zomer. Het mannetje maakt een eenvoudig nest onder begroeiing. Hierin legt het vrouwtje ongeveer tien donkergroene eieren. Het mannetje broedt de eieren in een kleine twee maanden. In die tijd eet hij niet. Daarna verzorgt en bewaakt hij de jongen, die de eerste maanden nog gestreept zijn. Buiten de paartijd leven emoes in kleine groepen van hoogstens enkele tientallen dieren. Soms sluiten deze zich aan tot grotere groepen. Doordat hij vooral zaden eet kan de emoe schadelijk zijn op graanakkers. Om die reden werd hij ooit zwaar vervolgd waarbij soms zelfs het leger werd ingeschakeld. In Tasmanië is hij uitgeroeid maar in Australië is hij plaatselijk algemeen.'

En hoe zit dat met de struisvogel? 'Oppervlakkig gezien lijken de struisvogel, nandoe, kasuaris en emoe veel op elkaar. Al deze vogels zijn bijzonder groot, hebben een lange nek en stevige looppoten. Vliegen kunnen ze niet. En hoewel de kiwi een flinke slag kleiner is dan de andere loopvogels met in verhouding een veel langere snavel, heeft hij ook wel veel weg van een verkleinde emoe. Het is echter de vraag in hoeverre deze vogels verwant zijn. Ze worden tegenwoordig daarom als aparte ordes beschouwd, waarbij alleen de kasuarissen en de emoe in dezelfde orde geplaatste zijn.' Dan weet u dat ook weer.

donderdag 21 februari 2019

Amstelpark

Reenske die jarenlang veel in het Verte Oosten vertoefde, woont tegenwoordig weer in Amsterdam, dus nu kan ik eindelijk weer eens bij háár lunchen. Wat is dat leuk: een soepje en lekker brood met tonijn. Ik heb de bolide om de hoek geparkeerd, dat kan voor een dubbeltje, een geste van de winkeliers, maar na dat uurtje moet je wel weg. Dan gaan we maar naar het Amstelpark. Bij  In de mist het leven doornemen. Er staat al van alles op springen qua bloei en het is nog maar februari.  

De nieuwste hobby is selfies met vriendinnen. Om het leven na te genieten. 

Inkt

Ik ga naar Slot Zeist naar de expositie ‘Inkt’ van Sam Drukker. Sam Drukker ken ik als schilder van grote doeken, hij schildert altijd menselijke figuren met een schijnbaar losse toets, maar ze zijn altijd heel raak getroffen. Hij treft op de een of andere manier de mensen die voor hem poseren in hun wezen. Hij portretteer mensen niet alleen in zijn atelier, maar ook regelmatig in het openbaar. Nu is er een expositie van zijn tekeningen. Geen opsmuk. Geen mooimakerij. Hij combineert het allerlelijkste met het allermooiste, zei hij eens. Veel donkere vieze kleuren, maar dan ook weer prachtig licht. Zo ken ik zijn doeken. En dan nu ineens allemaal ijle tekeningen, schetsen, die volkomen overtuigen van de kunst van het weglaten. Ook hier weer de mens centraal. Veel naakten. Mannen vrouwen, vaak wat ouder, het is wat het is, kwetsbaar, en daarin heel mooi. 

Er hangt ook een reeks Engelse landschappen, gemaakt voor een boek van Marcel Möring. Dat gaat over een onmogelijke liefdesgeschiedenis op reis door een Engels landschap en de illustraties staan in rood afgedrukt in het boek, maar op de tentoonstelling hangen de originelen in zwart-wit. Hij tekent van die landschappen alleen een deel van de achtergrond gedetailleerd, de voorgrond blijft leeg. Het geeft een beeld van beweging, op reis zijn, verder weg is het, niet hier, het is een beetje een melancholiek desolaat gevoel.

Een andere serie is die van paren (man en vrouw) die de liefde bedrijven. Telkens maar een paar lijnen. Bijna niets. Dat maakt het zo intiem. En een reeks hoogbejaarde joodse mannen, die de oorlog overleefd hebben. Zo ijl, alsof ze er bijna niet meer zijn. Zo mooi getroffen. Sam Drukker is zelf ook van joodse komaf, uit Assen, maar zijn ouders hebben hem er vrijwel niets over bijgebracht. 

woensdag 20 februari 2019

The Rose

Vanavond gaan we ineens iets heel anders zingen: pop!. In de mail zit 'The Rose' van Bette Midler. De dirigente heeft een midi-file gestuurd, afschuwelijke elektronische muziek. Tot nu toe zong ze de stemmen altijd zelf in.

Hoe zou het zijn met Bette Midler? Ze is van 1945, dus al 73 jaar. In een bericht uit de Telegraaf van januari vorig jaar valt te lezen: 'Actrice Bette Midler neemt zondag afscheid van de musical Hello Dolly. De 72-jarige actrice speelde de hoofdrol in de succesvolle musical bijna tien maanden. De rol van koppelaarster Dolly Levi leverde haar lyrische recensies, uitverkochte zalen en een Tony Award voor beste vrouwelijke hoofdrol op.' maar dat is nog niet het eiden want deze week stond op Nu.nl: 'Bette Midler (73) treedt volgende week op tijdens de 91e editie van de Oscars. Ze zal het lied The Place Where Lost Things Go uit de film Mary Poppins Returns ten gehore brengen, meldt de Amerikaanse zangeres en actrice op Twitter.'



Mijn elpee in de jaren zeven tachtig was deze: 'Live at last' (1977). Ik had de dubbel-elpee en was zo geraakt door haar veelzijdigheid: haar brutaliteit grofheid èn gevoeligheid. Die draaide ik maar aan een stuk door. Niet The Rose, dat nummer vond ik veel te sentimenteel. Lievelingsnummers 'You've got to have friends',  'Delta Dawn', 'Long John Blues', 'Hello in there', de personages Sofie Tucker, Vicki Eydie, ja dat waren nog eens tijden.

dinsdag 19 februari 2019

Gymfit

Ik herinner met nog goed dat ik in het eerste jaar dat ik te Utrecht/Zuilen woonde naar de activiteitenmarkt in de wijk ging, om te weten te komen wat er aan aanbod was. Het was een beetje een markt voor de ‘onderkant’ van de samenleving, was mijn indruk. Een was dame sprak me aan of ik interesse had in 50+ damesgymnastiek. Ik zag me al. Bejaardengym! Ik? Nooit!

Nu is het drie jaar verder, ik zit driekwart jaar op middenklasse-yoga, en heb ik steeds weer nieuwe pijntjes. Lopen en fietsen is niet genoeg, ik moet meer lichaamsdele bewegen. Voor yoga ben ik duidelijk niet in de wieg gelegd. In het yoga-klasje ben de slechtste leerling van de klas en ik maak geen vorderingen. Ik word er niet soepeler en ik kom ook niet tot Verlichting. Mijn ironische yoga-tekeningen - een afgeleide van het klasje - zijn populair, dat dan weer wel.

Vorige week toen ik van de acupunctuur kwam, kwam ineens die 50+-gym weer in mijn herinnering terug. Ik zocht me rot op internet en ik vond ze. De gymnastiekvereniging heet ‘Sport Vereent’, ze hebben voornamelijk jeugdclubs en een damesclub voor 50+. Gymfit heet heet het. De dames gymmen op dinsdagavond in de sportzaal bij de Prinses Margrietschool. Ik heb allemaal beelden bij 50-plus gym, waardoor ik in de weerstand schiet. ‘Ik zit al járen op 50-plus gymnastiek’, onthult echter Zus4. Zij is er zeer tevreden over. Ze doen veel buikspieroefeniningen. 

De beelden kloppen grotendeels. Het is een groep die eerder 70-plus is. Er zitten hoogstens twee vijftigsters bij. De juf Ria (ook 65-plus) vertelt dat deze dames al hun hele leven samen gymmen. 

Tot mijn verrassing geven de oefeningen veel genoegen. Ik zweet ook behoorlijk, het is waratje geen kattenpis. We bewegen op muziek, geen harde muziek, het is een soort soft-aerobics. De juf complimenteert me achteraf dat ik goed mee kon komen. Of ik vroeger gedanst heb? Ik glim van genoegen. Van de slechtste leerling van de klas (bij yoga) hoor ik nu ineens in de subtop. 

Clean Pete

Ik ben geloof ik een beetje cultuurverslaafd. Vanavond ga ik met Peeq naar de uitvoering van het zangduo groepje Clean Pete in de Stadsschouwburg. De voorstelling is volgens de site uitverkocht, maar dan ken je mij nog niet.  Ze zingen op een geheel eigen vlakke wijze eigen Nederlandstalige liedjes uit de sixties.

Het is een bijzonder en eigenzinnig duo: de tweeling Loes en Renee Wijnhoven. Ze zijn van 1990, Brabant. Al op jonge leeftijd begonnen ze samen te spelen onder de naam Clean Pete, die verwijst naar een lokale zwerver. Ze volgden beiden een opleiding aan het Conservatorium Maastricht. In maart 2012 kwam hun eerste ep 'Niet nu, ja ook nu, maar vooral altijd' uit. Om de ep te presenteren reisden zij met een Volkswagenbus langs cafés, woonkamers, theaters en boekenwinkels. In 2012 haalden zij de finale van de Grote Prijs van Nederland in de categorie singer-songwriters.

Peeq is razend enthousiast en wil ze meteen voor haar radioprogramma uitnodigen. Ik weet niet wat ik ervan van vind. Ze zingen heel vlak, maar dat hoort ook echt bij de Jaren 60 bandjes die zijn imiteren/persifleren of wat dan ook. Die hun inspiratiebron zijn. De teksten zijn heel erg grappig. Dubbel.



zondag 17 februari 2019

Verbonden

Bobby zijn vriend heeft verjaardagspartijtje maar vandaag heb ik daar niet zo’n zin ik. Het zijn aardige mensen die daar komen - vooral stellen met goede banen - maar ik voel me niet zo erg met ze verbonden. Ik ben liever met iemand met wie ik me meer verbonden voel, en app D. of ze mee gaat wandelen. Stel het Bert Bospad voor. Zij kent dit helemaal niet dus ik begin met een lofrede op de Westbroekse Zodden van jewelste. Het is er altijd leeg, maar op deze eerste lentedag niet. 

Zullen we praten of zullen we zwijgen? Ik heb steeds meer het idee dat ik zwijgende wandelingen wil. Als je zwijgt kijk je meer om je heen. We zien zwanen, ooievaars, nijlganzen, schapen en rupsen.

We praten over geweldloze communicatie. D. heeft inlands daar een driedaagse workshop over gevolgd. Marshall Rosenberg. Je in de communicatie met anderen bewust zijn van je eigen (en andermans) diepere behoeften en daar mee om leren gaan. Intenties formuleren die verder gaan dan vanavond-lekker-eten. Intenties niet najagen maar op je af laten komen. Een van haar behoeftes is verbinding aan te gaan. Ik steek mijn arm door de hare en zo lopen wij verbonden door de Westbroekse Zodden. 

Talking to anorexia

Een maand of wat keek ik met veel interesse en genoegen gekeken naar Beau van Erven Dorens die een programma maakte met daklozen. Hij zei ondet meer geïnspireerd te zijn door Louis Theroux. Af en toe kijk ik ook naar Louis Theroux. Soms vind ik dat hij teveel weirdo’s bezoekt en zou ik willen dat het ‘gewonere’ mensen zijn. Bij deze aflevering is dat zo: ‘talking to anorexia’. Hij volgt een aantal patiënten in een anorea-kliniek. Ze zitten er intern en moeten aankomen. Anders is hun leven niet meer zeker. Anorexia is een mental illness. Meer dan een reactie op reclame met graatdunne modellen. Ze willen controle hebben over íets. Dan maar hun gewicht. Ze walgen van eten en van hun gewicht. Dat moet naar beneden, naar beneden. De anorexia-stem in hun hoofd is sterker dan wat dan ook. In die kliniek is het zo erg voor ze, dat hun enige motivatie om aan te komen is uit de kliniek te mogen en er nooit meer terug te komen.

Hij doet dat heel goed, deze Theroux. Hij is werkelijk geïnteresseerd maar heel respectvol. Dat kan ook niet anders want anders gaan die vrouwen niet met hem praten en nog voor de camera ook.  Heel indringend.

zaterdag 16 februari 2019

Een koetje en een kalfje

Het moeilijkste is het stro op de grond. Dat vind ik een beetje knullig. Maar verder is het kalfje wel leuk geworden. Moeke Koe kijkt toe vanachter een hek. Jammer dat ze niet tegen elkaar aan kunnen staan. Daar is vast een menselijk bedachte reden voor. Geïnspireerd op twee kalfjes die ik afgelopen maandag  bij een veehouderij in de weilanden tussen Vreeland en en Amsterdam Rijnkanaal. Wat levert zo'n zonnige wandeldag altijd weer veel inspiratie op.

Associatie met een kinderversje: 'Een koetje en een kalfje / de liepen in de wei / toen kwam er een heel dik varkentje voorbij / Dat ze; dat zei / Geef 't kalfje maar aan mij.  Nee, zei de koe /  Boe boe boe / Nee, zei de koe / Boe boe boe.'

Onder de zeespiegel

Het Amsterdam-Rijnkanaal heb ik al vaker getekend. De serie begon toen ik aan de Zeeburgerdijk woonde en het kanaal daar het grote water was met verre einders maar liefst naar Weesp-Utrecht en de Oranjesluizen tot aan IJmuiden toe. De ronde boogbruggen fascineerden me meten, vooral omdat ze langs het hele kanaal zo gebouwd zijn. En et wordt zo druk bevaren. Net een snelweg. Daar moet je als klein scheepje niet tussen willen dobberen.

Hier stuitten we op het kanaal bij het bewandelen van het Klompenpad vanuit Vreeland, het was een uurtje soppen door de drassige weilanden. O leuk dat die schepen nét boven de kade uitsteken. Die polders liggen lager. Die gaan vast onderlopen bij ernstige verhoging van de zeespiegel. Ga ik dat meemaken?

Winter

Zus4 vindt het je reinste geld-uit-de-zak-klopperij om nu half februari bij de supermarkt al bloembolletjes in potjes te kopen. ‘Het is nog winter!’ Het zal ongetwijfeld kloppen, maar ik geniet zo van die bloembolletjes, ik móet ze. Drie potjes blauwe druifjes voor 5 euro en je hebt er wéken plezier van. De zon is zo’n levenskracht. Ik ga onmiddellijk onkruid wieden bij de moestuintjes vóór. Lekker graven. Marco heeft nog drie paksoi-planten in zijn bak staan, die mag ik wel opeten.

Door de zon komen meer mensen naar buiten. Twee jonge Israëlische buurtgenoten van een paar straten verderop hebben nu ook een moestuinbak. Hij is al begonnen met zaaien en zet vandaag allemaal zaailingen in de bak. Heel leuk, maar dát is nog eens veel te vroeg. In hun hometown Tel Aviv kon dat misschien wel, maar april is hier al te vroeg. 

De levensenergie gaat erg stromen van dit weer. Het wordt vast weer een fijn tuinseizoen. 

Pindasoep

Drukke dag. Eerst naar de huisarts voor wéér nieuwe pillen. Zucht. Ik heb afgesproken met Schoonmama, dan moet ik om 14 uur de deur uit. Maar Bobby heeft de bolide ook nodig, dat was ik even vergeten,  dus we spreken af dat ik hem 's morgens naar de bossen bij Zeist rijd waar hij tegenwoordig werkt, en dat hij 's avonds met de bus ziet terug te komen. Dat ligt een beetje gevoelig, want er rijden geen bussen daar in de bossen bij Zeist. 

Dus is deze dag vooral van hot naar haar de hele tijd, en dan ook nog een interview schrijven en mijn mail managen. Ik schaak momenteel op iets te veel borden. Al helemaal overvoerd rijd ik naar Vlaardingen. Maar Schoonmama is heel blij met een nieuwe roze polo-shirt, vijf nieuwe Grote Letter Boeken, en twee nieuwe potten bodylotion en vaseline. Ik zet thee, geef de plantjes water, doe het mini-afwasje, schuifel mee naast de rollator naar het halletje, en weerom. Blij blij blij. Daar doe je het allemaal voor. En dan doorheen de Rotterdamse en Goudse files weerom. 

Dus verheug ik mij ontzettend op mijn avondmaaltje: dat is de feestelijke afsluiting van deze veel te volle dag. Ik maak pindasoep met omelet-reepjes, bruine bonen en taugé. Twee rode paprika's ook, trouwens. Receptkaartje in de AH. Echt caloriearm kun je het niet noemen, want er zit kokosmelk en satésaus in. In plaats van omelet doe ik stukjes (biologische) kipfilet. Krokante gebakken uitjes eroverheen. Echt een aanrader.

donderdag 14 februari 2019

PHPD

Ik lijd een beetje aan PHPD, pijntje-hier-pijntje-daar. Ik vind dat nogal gênant, merk ik. Relativeer het met: het-is-de-leeftijd en: dan moet je maar meer sporten, maar van die benadering gaan de pijntjes niet weg. De laatste klacht duurt al meer dan vier weken: stekende pijntjes in schouder- en ellebooggewricht, en bovenarm, en zere vingers. Die schouder doet denken aan de frozen shoulder die ik ooit had, maar als je dat hebt dan gaat je arm helemaal niet meer omhoog. Zo is het nu niet. De huisarts bij wie ik tweewekelijks kom om mijn bloeddruk te controleren en weer nieuwe doses of nieuwe medicijnen te krijgen vroeg ik wat het kon zijn. Hij had geen idee, hij kon alleen tennisarmen diagnostiseren en dat is het volgens hem niet. Ik moest het maar even aanzien.

Maar het is best vermoeiend, voortdurend pijn. Je wordt er soms heel chagrijnig van. Ineens herinner ik dat ik ooit zoiets had (toen heette het RSI) en uiteindelijk Chinese guasha-therapie vond, gecombineerd met acupunctuur en cupping, en dat het toen heel snel over ging. In tegenstelling tot de behandeling van de fysiotherapeut. Dat was nog in Amsterdam. Nu dus op zoek naar zo’n Chinese Medical Centre in Utrecht. Die vind ik in Leidsche Rijn.

De Chinese dokter Bin Hu ('Zeg maar Eddy') voelt mijn pols en kijkt mijn tong. Daar voelt hij veel overmatige onrustige energie, en op de tong signalseert hij 'slechte doorbloeding'. Hij wil acupunctuur doen en kruidentherapie. Ik wil ook graag guasha en cupping, zeg ik, maar dat is volgens hem slechts oppervlakkige therapie. Dus krijg ik acupunctuur. Maar niet zoals ik eerder meegemaakt heb, met wat naalden, maar hij gaat er elektrische stroomstootjes door gooien zodat mijn hart gaat pulsen in mijn zere schoudergewricht. Zo mag ik een half uur blijven liggen. Daarna doet hij toch wel cupping en krijg ik ook nog een kruidenpleister en drie zakjes Chinese kruiden. Ik ben heel blij met al zijn aandacht. Dat is beter dan de huisarts die zegt: 'Ik kan er niets van maken.'

De factuur meteen naar de verzekering gestuurd. Ik vermoed dat ze alleen de acupunctuur vergoeden, niet de kruiden.

Nu sta ik als een ware druïde een Chinese kruidendrank te bereiden. Ik geloof dat de thee tegen de onrustige energie is. Voor wie wil meegenieten: de bereiding staat hier. Die bereiding duurt uren. Het drankje is heel vies, waarschuwt hij ook nog. Wat een heerlijke belevenis. Bobby zegt dat ik alles beleef louter om erover te bloggen.

dinsdag 12 februari 2019

Zaz


Leen heeft me uitgenodigd voor een concert van de Franse popster Zaz in concertzaal Afas Live, die vroeger de Heineken Music Hall heette. In Amsterdam Zuid Oost, midden in het verdienmodel van de hedendaagse muziekindustrie: grootschalige concerten. We spreken af bij station Bijlmer Arena en gaan vooraf eten in de Amsterdamse Poort bij een Surinaamse Chinees Kam Yin. Wat een exotisch uitje zo halfway tussen Amsterdam Centraal en Utrecht Zuilen. Het is slechts vier haltes met de boemel. Pardon, sprinter. En dan ook nog overstappen in Breukelen.

Zaz is heel veelzijdig. Ze doet chansons, jazz, soul, gipsy en variété, en wordt wel vergeleken met Edith Piaf. En qua stem kan dat wel kloppen, maar ze heeft alleen niet haar karakteristieke kop. Zou ik haar tekenen? Nee. Leen weet te vertellen dat Zaz begonnen is als straatmuzikant. Bijzonder dat ze zó groot is geworden. 

Het concert is een gigantisch spektakel, met grote lichtshows. Ze zingt alle genres. En toch weten ze het ook nog intiem te maken, heel knap. Heel sympathiek. Heel mooi. Met al die honderden zo niet duizend publiek, staand, voel je je toch niet benauwd. Er zijn veel jonge mensen, maar ook vaders en moeders met jongvolwassen kroost.

Na anderhalf uur kan ik nauwelijks meer op mijn voeten staan. Officieel zou het concert tot 22.30 uur duren. Dat is nóg anderhalf uur! Ik vraag maat of we weer weg mogen. Leen vindt het gelukkig goed, is zij ook weer op tijd thuis.

Op die foto zie je ook niets. Ik doe straks wel een filmpje. 

Zaz in concert in St. Petersburg eerder deze maand:


En dit nummer zong iedereen mee:

A Night in May

De dirigente stuurt de audiobestanden van het liedje 'On a night in May', gecomponeerd door de Pool Witold Lutoslowski. Dat is modern klassiek. Veel tonen dicht tegen elkaar aan.

Cutting season

Ik heb  het idee dat ik maar weer eens een geëngageerde documentaire moet gaan kijken in plaats van de zoveelste aflevering van Vera. Het wordt In the name of your Daughter over besnijdenis van meisjes in Tanzania, de film is uit 2018. gemaakt door Giselle Portenier. Vrouwenbesnijdenis, genitale verminking, is daar bij wet verboden en wordt ook vervolgd, als het tenminste bewezen kan worden. 
   
In de schoolvakanties in december is het traditioneel  besnijdenistijd, of 'cutting season', een benaming om de rillingen van te krijgen. Met scheermestjes worden de clitoris en de binnenste schaamlippen weggesneden. De soms nog maar acht jaar oude meisjes kennen de afschuwelijke verhalen van kinderen die doodbloeden en staan nu voor een onmogelijke keuze: zich laten besnijden of weglopen, met het risico dat ze hun familie nooit meer terugzien. 

De film volgt een meisje van twaalf, die met gevaar voor eigen leven vluchten voor genitale verminking (VGV) en de uithuwelijking die meestal snel daarop volgt. Een vader krijgt wel twaalf koeien voor een 'besneden' dochter, als ze niet besneden is hoogstens zes. En dan worden ze uitgehuwelijkt aan veel oudere mannen. Vaak zijn ze nog kind. Afschuwelijk.

De charismatische Rhobi Samwelly heeft om de meisjes te beschermen een safehouse opgezet en ze reist door de gemeenschap om te strijden tegen deze duizend jaar oude praktijk. Maar oude tradities verdwijnen niet zomaar. In samenwerking met het safehouse treden politieagent Sijali en haar team op tegen vrouwelijke genitale verminking. Ouders en besnijders worden gearresteerd en meisjes die gevaar lopen worden gered. Als de besnijdenistijd ten einde loopt, moeten ouders tijdens hartverscheurende verzoeningsbijeenkomsten beslissen of ze hun dochters sparen en weer mee naar huis nemen.

De film is hier te zien.

De trailer:

maandag 11 februari 2019

Klompenpad

‘De zon schijnt weer!’ app ik aan Will, ‘en ik heb mijn sollicitatie de deur uit. Doen we weer een maandagwandeling?’ Het wordt opnieuw Vreeland, maar nu het Klompenpad. Dat loopt via de westoever van de Vecht en dan de weilanden in tot het Amsterdam-Rijnkanaal. Het is allemaal bijzonder drassig en zompig na die week regen,  maar desalniettemin prachtig.

We passeren kalfjes, schapen, eindeloze verten, prachtige wolkenluchten. Een 'landwinkel' met allemaal biologische heerlijkheden. Je weet van de snelweg, de provinciale wegen, de sporen, maar je ziet en hoort er niets van. geen weg. Dit alles in het oog van de Randstad, tussen Amsterdam en Utrecht en Hilversum, het Groene Hart. 

zondag 10 februari 2019

Inner Spaces

Het affiche van de tentoonstelling ‘Inner Spaces’ van de in België beroemde Brusselse kunstenaar Maurice Wyckaert spreekt me meteen heel erg aan: die kleurige omtrek met tuinachtige motieven en het stralende licht in het midden, en dat in combinatie met de titel ‘Inner Spaces’. Er spreekt een begeerlijke vrijheid uit, een door het buiten zijn gezuiverd gemoed. ‘Het ruime leven’ heet het afgebeelde schilderij. 

In de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten in Brussel zijn maar liefst twee verdiepingen aan zijn werk gewijd. Ik had nog nooit van hem gehoord. Het is een prachtige expositie, je zou het abstracte werken over landschappen kunnen noemen, je komt als vanzelf in een volstrekt woordeloos gebied van je bewustzijn terecht. En over de kunstenaar is ook al niet veel informatie te vinden. Ik ga hier toch een tekst proberen. 

Maurice Wyckaert staat te boek als een neo-expressinistisch lyrisch abstract schilder, gouache-ontwerpen en graficus. Hij leefde van 1923 tot 1996,  studeerde aan de Académie de Bruxelles en het Vrije Atelier van de Brusselse deelgemeente Sint-Lambrechts-Woluwe. Zijn eerste periode maakte hij expressionistische stillevens in de stijl van Jean Brusselmans en de Vlaamse expressionisten. Een periode was hij verwant met Cobra - hij was bevriend met de politiek geëngageerde Deense Cobra-schilder Asger Jorn en nadat Cobra stopte stichtten ze samen de Situationistische Internationale, langs waar ze hun revolutionaire, sociale en artistieke, opinies kenbaar maakten. Wyckaert verkoos na verloop van tijd toch de schilderkunst boven de politieke revolte. Hij liet zich nog weer later beïnvloeden door het luminisme van William Turner en James Ensor en vond zijn geheel eigen vorm in een lyrische abstractie.

Als toeschouwer van zijn werk kom je terecht in kleurige werelden waar nauwelijks referenties aan de tastbare werkelijkheid te vinden zijn. Soms zijn de beelden vol en overweldigend, soms verstild. Vaak zijn zijn werken vlakken met heldere kleuren, een deel zou je landschappen in vogelperspectief kunnen noemen. Het zijn echter geen herkenbare ‘landkaarten’, of pittoreske stukjes natuur, eerder refereren ze aan gemoedsgesteldheden, mijmeringen en visioenen, ‘inner landscapes’, ofwel landschappen van de innerlijke wereld. ‘Alles rolt, tolt en bolt’, schrijft Willem Elias beeldend. ‘De panta rhei-gedachte van Heraclitus, dat alles voortdurend in beweging is bloeit hier welig in volle kleurenpracht. Maar bj Wyckaertsgeen frivoliteit, hij was een modernist.’ 

Het schilderij ‘Het ruime leven’ - ofwel op zijn Frans ‘La vie dans sa plénitude’ - noemde ik al, die grote lichte ruimte in een vlak met zwierig groen en geel. Alsof de verlichting heeft plaatsgevonden. Die sensatie ervaar ik ook bij het schilderij ‘Quatre bras’ ofwel ‘vier armen’, in de tinten blauw groen en geel.

Dat licht en die ruimte hebben lang niet alle schilderijen. Soms zijn ze propvol. Vooral als hij losgaat met kringelend rood wordt het me wel eens teveel, zoal bij ‘Mei 68’ en ‘avondlicht’, waar men natuurlijk ook grenzeloze levensenergie in kan zien. Al  kijk ik zelf naar wat stillere schilderijen met veel witten en blauwen zoals ‘Een lange lange winter’ en ‘White white space’. 

Al met al ben ik bijzondere onder de indruk van de tentoonstelling en het werk van Wyckaert. Er bloeit iets bij je open wat er al, is maar waar je vaak niet bij kan. De betovering is heel goed verwoord door een Leuvense kunstcriticus Geert Bekaert: ‘Er is bij Wyckaert geen theorie, er is leven. De natuur is leven. Kleuren spelen het spel van het grote geheel, als stofdelen van een wervelwind. Vraag de kunstenaar geen logische omschrijving van de levenszin. Hij bezingt hem en zijn zang is niet alleen het bewijs van wat hij zingt, maar ook de toegang.’

Back home

Het uitje Bruxelles is weer over en voorbij. We hebben mooie dingen gezien, beleefd, heerlijk gegeten, maar ook veel stadsgruwel. Zaterdagochtend miezert het koud en Hani501 wil naar een museum van/voor marginalen. Art brut. Dat is vaak kunst van psychiatrische patiënten of zwervers, gemarginaliseerde. In Amsterdam hebben we in dat genre ook het Outsiders Art Museum en de Outsiders Art Gallery. Die zijn daar gevestigd in De Hermitage. Ik vind die 'kunst' meestal vooral aandoenlijk. Hier te Brussel vindt Hani501 het echt heel mooi, ik ga zo lang maar even in een hoekje zitten.

En dan lopen we nog een uur door de motregen op zoek naar een warmhartelijk etablissement in een park, maar wanneer we eindelijk een park(je) vinden heeft het geen etablissement. Later vinden we wel een leuk etablissement Bar du Matin, maar aan een drukke weg. Het is daar te Bruxelles allemaal niet zo hedendaags als hier, veel vormgeving uit de jaren vijftig en zestig is er gewoon nog. Zo zijn ook de Flagey-Studio’s waar we het prachtige piano-recital bijwoonden. Wel mooi hersteld en aangepast aan de tijd, maar toch ook nog authentiek fifties.  Of misschien wel thirties. Bij ons zou dat vervangen worden, en eventueel weer herbouwd in retro-stijl.

Wat is het met Bruxelles? Je moet er waarschijnlijk langer verblijven en mensen ontmoetenn, de verschillende deelgemeenten leren onderscheiden, dat helpt. En daarbij: een citytrip in februari is een andere beleving dan een in april. Vorig jaar in april in Berlijn bloeide de stad overal uitbundig en kon ik buiten eten. In Brussel is ook ergens een Botanische Tuin, maar gaan we niet naar toe want daar valt zo begin februari niet veel te beleven. Er is in Bruxelles geen open water, geen rivier, geen haven. Er is geen ruimte. Er is politiek, er is geld, er zijn mensen uit de hele wereld die daar hun geluk komen beproeven. Er is armoede. Het is niet eerlijk verdeeld in de wereld. Dat wisten we wel maar daar zie je dat beter dan hier.

Ik denk dat er veel mooie cultuur is en dat we daar een ietsepietsie van geproefd hebben. Ik vermoed ook dat het in de lente heel anders is. Ik moet zeggen: omdat ik minder te besteden heb werd ik ook een beetje zenuwachtig van de prijs van een citytrip. Reis, hotel, twee keer diner, drie keer lunch, concert, musea... en we hebben niet eens geshopt. In Berlijn had ik een appartement, waar ik mijn eigen bammetjes kocht en en smeerde die ik dan oppeuzelde in het park, en ‘s avonds kookte ik zelf. 

Maar de indrukken blijven natuurlijk hangen. Hoe gezellig en vanzelfsprekend het is om op stap te zijn met Hani501. De mooie herinneringen blijven vast langer hangen dan de lelijke.

vrijdag 8 februari 2019

Piano Days

Terwijl Hani501 en ik op onze hotelbedjes onze eerste ochtend en de tweede middag te Bruxelles wat liggen te processen zoek ik alweer een concert. Dat deed ik twee weken geleden thuis ook al, maar toen kwam ik er niet uit. Nu is het urgenter. It’s now or never. Wil ons citytripje onvergetelijk worden, dan moeten we nog iets onvergetelijks beleven. 

We besluiten kaartjes te proberen voor een piano-recital van de Belgische pianiste Eliane Reyes in het concertcentrum Flagey in de deelgemeente Elsene. Daar is een pianoconcours. Dit recital begint om 18u en volgens Google Maps is het 40 minuten lopen van ons hotel naar Elsene. Dat moeten we kunnen halen. 

De tocht voert ons door een stuk Europese wijk, een soort PC Hooftstraat en een koopgoot, en de Bruxelles-experience wordt steeds kleurrijker. Die Flagey-zalen hebben een rijke historie met de Belgische radio, de zalen zijn een beetje sixties/seventies, van het soort dat bij ons te Nederland al lang en breed gerenoveerd is. 

Aangekomen mogen we op de wachtlijst. Erg is dat niet?want die wachtlijst duurt maar een half uur, omdat we zo op het nippertje zijn. En dan hebben we twee zitplaatsen bij een virtuoos pianoconcert. Geweldig wat een pianiste, deze Eliane Reyes, en wat een spel. Bach, Schumann, Lizt, Debussy. Ze speelt pastastisch. We applaudisseren de handen uit ons lijf.

Dan lopen we weer terug naar ons eigen buurtje om daar Cubaans te gaan eten. Gisteren aten we er Ethiopisch. Had ik dat al gemeld?



Bruxelles

Eerst wandelen door de wijk De Marollen, die heel leuk heet te zijn maar eigenlijk met motregen alleen maar treurig. De wandeling eindigt op een rommelmarkt waar allemaal treurige marktkooplieden zooi op een hoop hebben gegooid. Ach ach ach. En dan gaan we voor het tegenwicht naar de Musea voor Schone Kunsten, waar ik de tentoonstelling ‘Inner Space’ van Maurice Wyckaert uitgezocht heb en Hani501 de een tentoonstelling over Pieter Brueghel en een prachtig Google Culture Project.

We weten niet goed of Bruxelles een stad is om aan te bevelen. Er zijn diverse leuke stukjes stad, maar ook veel wanstaltigs. We zitten in een vrij luxe hotel vlakbij straatjes met leuke restaurantjes, maar er zijn veel meer geestdodende en/of armoedige straten, van het genre dat in het aangeharkte Nederland helemaal niet meer bestaat. En er zijn ook plekken waar de projectontwikkelaars en het grote geld het duidelijk gewonnen hebben van de menselijke maat. Er is weinig groen. Elk postzegeltje groen is een enorme opluchting, en ziet er uit dat er zo weer een projectontwikkelaar kan komen om dat laatste postzegeltje ook vol te bouwen. Veel blinde muren zijn beschilderd met fragmenten uit stripboeken. Dat is heel leuk. Er zijn heel veel mooie kerken. De musea zijn mooi. Het eten in de Brusselse cafeetjes is verrukkelijk. Veel bedelaars best wel. Dat troebleert de toeristenblik  Het is wat het is, je ziet wat je ziet, en in april als alles in bloei komt is het ook hier vast fijner dan in februari. In de middag gaan we op bed een beetje onze indrukken liggen processen.

donderdag 7 februari 2019

Leonard Freed

Hani501 heeft de tentoonstelling ‘Worldview’ uitgekozen, van de Amerikaanse Magnum-fotograaf  Leonard Freed in het Joods Museum van België, ofwel het Musée Juif de Belgique. De expositie heet niet voor niets ‘Worldview’: die man is overal bij geweest. De marsen voor de zwarte burgerrechtenbeweging in de jaren zestig in de USA, de oorlog in Israël Palestina in 1967, de bouw van de Muur in Berlijn in 1965, de Revolutie in Roemenië in 1990, om maar wat te noemen. Hij stond er midden tussenin. Ze lijken toevallig genomen, vaak ook mensen op de rug, beetje bewogen en onscherp, ongeposeerd. Het zijn foto’s zoals ze nu niet meer veel gemaakt worden. Ze werden veel gebruikt voor bij tijdschrift-artikelen.

Ze lijken soms toevallig geschoten, maar aan de contactsheets die er ook hangen zie je dat hij rolletjes volschoot en heel precies koos welke uiteindelijk de foto werd. Dat is natuurlijk hoe fotografen werken: heel veel schieten tot de juiste foto zich voordoet. Vandaag de dag is het vak van fotograaf heel erg veranderd, door de digitalisering. Iedereen maakt foto’s. Fotojournalisten worden slecht betaald. Jammer is dat.

Dit zijn indringende foto’s die zich meteen in je geheugen branden.

Door slaapgebrek zijn we allebei bovenmatig moe en er vallen bij een film over de foto’s van deze fotograaf bijna in slaap. Dus maar naar ons hotel voor een eerste middagdutje. We hebben een heel deftig hotel met grote marmeren entree.

Over de tentoonstelling:

Modern reizen

Ik ga met Hani501 city-tripje maken. Al wéken geleden hebben we geboekt en ik heb toen allerlei digitale tools ontvangen waar ik nooit naar gekeken heb. Op mijn  verzoek hebben we de goedkoopste trein gekozen: €21. Die staat in de NS Internationaal-app in mijn telefoon. De route voert van Utrecht via Den Bosch (overstappen) en Breda (overstappen) naar Brussel Midi. Met deze code die in de app staat moet je door de poortjes. Ik maak me alweer druk dat dat vast niet lukt. Maar het lukt en dan zijn we ineens internationale reizigers, daar midden op Utrecht Centraal. In de trein van Breda naar Brussel wordt in het Vlaams, Frans en Engels omgeroepen dat de reiziger in de Belgische trein een gewóón kaartje nodig heeft. Er is ook geen WiFi in de Belgische trein. Back to normal.

Leuke recepten

Ik droom van een Engels vispotje met kaassaus, maar dan iets gezonder en vind een heerlijk recept bij Leukerecepten.nl. Onderin ligt de kabeljauw, daarop smeer je verse roomkaas (light) met verse dille, dan de reeds wat aangebakken groenten (wortel, paprika, courgette) en daarop aardappelpuree die smooth gemaakt is met crème fraiche (light) en ook wat dille en daarop een beetje geraspte kaas. Mmm. Ik voeg bij de beide kaassmurries ook nog peper en zout en knoflook toe.

Het moet wel even in de oven: volgens het recept drie kwartier, maar ik heb vergelijkbare recepten waarbij dat korter hoeft. 

woensdag 6 februari 2019

Bébé

Tegenwoordig produceer ik tekeningen per twee tegelijk, omdat je altijd zo lang moet wachten met drogen. Je kan ook steeds föhnen, maar ik houd niet van het geluid en de energie van föhnen. Het is lawaai en haast en forceren. Als je aan twee tegelijk (om en om) werkt kun je steeds door. Deze lag nog steeds in het verschiet. De Bébé’s worden beter als ik ze in close up maak, dan lijken ze beter. Nichtje is er helemaal gelukkig mee. Dat voelt wel als een compliment en een eer, dan lijkt ze tenminste een beetje.

De andere tekening is weer een yoga-tekening. Niet dat we deze houding ooit beoefend hebben, ik zou het niet eens durven. Vandaag bleef ik weer eens voor de kruidenthee na afloop. Ik verdraag het gesprek niet goed. Een vrouw stelt altijd een vraag over een houding en dan begint de juf te antwoorden over de chakra’s. Vandaag gaat het nagesprek over de houding ‘de koeienkop’  (niet deze) en het bijbehorende ‘vierde chakra’ dat gecentreerd is rond het hart. Ik snap daar niet zoveel van. Wat ik oppik is dat de worsteling met de houdingen erbij hoort en goed is. De spirituele les van deze yogaklas - zegt ze - is dat je leert accepteren dat het is wat het is en dat je liefdevol met jezelf omgaat.

dinsdag 5 februari 2019

Tim Hong

We hebben een nieuwe hang out in de Vlaardingse Bijlmer-flattenwijk Holy, waar Schoonmama in haar voorlopige woonzorgcentrum verkeert. En wel de Chinees Tim Hong, sinds 1979. Het staat in een winkelcentrum naast de Lidl. Het is een hele fijne chinees met een bruggetje over een karpervijver bij binnenkomst. De eerder favoriete Vlaardingse oer-Chinees ‘China Garden (‘t Platje)’ aan de Nieuwe waterweg waar we af en toe naar toe gingen is wegens grote verbouwing voor langere tijd dicht. Op hun site is de verbouwing per week te volgen. Het oude pand is nu helemaal weg, een hoopje klinkers is al wat rest. Er komt een nieuw Chinees eetpaleis daar aan de Nieuwe Waterweg.

Om nu de files te vermijden zijn we nu klant bij Tim Hong, sinds 1979, waar de nieuwe generatie het roer overgenomen heeft. De omgeving is niet erg romantisch, maar de mensen die er wonen hebben het ermee te doen. Het eten is er lekker en vers, en de bediening is aandachtig en persoonlijk. Zelf ga ik na het wekelijkse bezoek aan Schoonmama doorgaans in de file staan, maar Bobby weigert dat. Hij heeft nu twee adressen, waar hij om-en-om gaat eten. Deze Chinees dus, en Visbakkerij De Vleet aan de oude haven, waar oude Vlaardingse havenwerklui hun kibbeling-met-patat komen eten, en sterke verhalen debiteren over hun havenverleden. Vandaag mag ik kiezen waar we gaan eten, maar als ik de vis-snackbar kies, wil Bobby toch liever naar Tim Hong. Ook goed. Graag bereid weer een nieuw adres toe te voegen aan mijn lijst favoriete Chinezen.

Schoonmama hebben we verblijd met een stapel nieuwe grote letter-boeken en ook met een nieuw blauw katoenen poloshirt met lange mouw. Samen doen we de kruiswoordpuzzle uit de Trouw. Ze had toen we arriveerden bepaald een off-day, maar van ons knapt ze gelukkig een klein beetje op.

zaterdag 2 februari 2019

Vera!

En nog één: Vera, ofwel Detective Chief Inspector Vera Stanhope. Ik schreef eerder van de week al over haar. Wat heb ik een heerlijke vrije zaterdag. Ik heb mij teruggetrokken op mijn kloostercel, verdiep mij in retraite-oorden, en denk dan: Lucie Theodora: de mooiste retraitekamer heb je zelf! Hier. Ga liggen en muziek luisteren en dan komt de inspiratie vanzelf. En ja hoor. Vera zelf houdt trouwens helemaal niet van reflectie.

Hieronder even een filmpje met de schrijfster Ann Cleeves en de actrice Brenda Blethyn, de makers van deze prachtige figuur Vera


Zwanen in de sneeuw

De sneeuw is al weer voorbij en over, helaas, maar er mag ter herinnering nog wel een tekening aan gewijd. Grijzen beigen en witten. De zwanen in ons plantsoen zijn sinds oudjaarsdag weer af en aan aan- en afwezig, je hoopt toch zo dat ze blijven!

Sommige mensen noemen katten hun rolmodel, zoals die zich door het leven bewegen. Ik heb dat met de zwanen. Die dobberen maar wat en zien er intens tevreden uit. Zo'n zwanenpaar: soms zijn ze samen, soms een eindje van elkaar. Soms fourageren ze getwee, soms apart. En als er dan een nest en zwanenkindertjes zijn dan trekken ze zoo mooi samen op. Soms worden ze gek, en begonnen ze keihard op ramen en deuren te tikken. Ja er valt veel aan te beleven aan zwanen. Hun vrede vind ik het mooist. 

Het jongetje Duco

Bobby is naar Schoonmama geweest en komt terug met drie streekromans. Die liggen nu op de bartafel. Morgen mogen ze terug naar de bieb. Ik vraag me af of Schoonmama ze (uit)gelezen heeft of afgekeurd. En dan pak ik Het jongetje Duco door Henny Thijssing-Boer, en lees het griezelend in een ruk uit. Een echte gristelijke streekroman. Met slechte vrouwen en goede vrouwen. Als ik hem uit heb vraag ik Bobby: Mag ik het verhaal navertellen en hij gaat er goed voor zitten. Het is echt smullen om te vertellen, en hij vindt het smullen om naar te luisteren, wat wil je nog meer? Het genre is hem totaal vreemd. Al heeft hij er wel fantasieën over. Dit boek overtreft alle fantasieën.

Het jongetje Duco is op elfjarige leeftijd door zijn slechte moeder op een krukje in een warenhuis achtergelaten. Daar wordt hij opgemerkt door een verkoopster die zich over hem ontfermt en zo komt hij in een kindertehuis terecht. En dan hebben we een groenteboer en zijn vrouw die door zijn toedoen kinderloos zijn. Toen zij nog verloofd waren heeft zijn moeder haar dat verteld, want zelf durfde hij dat niet. De verloofde hield zo van haar groenteboer dat ze dat voor lief nam, maar de babywens liet haar niet los. En zo gingen zij op zoek naar een adoptiebaby. En toen kwam het adoptiebureau met het elfjarig jongetje Duco. Dat had door die slechte moeder een enorme verlatingsangst.

Ik kan het niet helemaal gaan uitschrijven. Het plot is eindeloos, maar Bobby hangt aan mijn lippen, zo mooi als ik het navertel. Hij ziet al een nieuwe verslaving in het verschiet.

Overigens is hij met zijn zus in het woonzorgcentrum in Maassluis op bezoek geweest waar Schoonmama voor op de wachtlijst staat. Het is een heel groot woonzorgcentrum, en er zijn daar dertien hele mooie appartementen voor mensen die alleen somatische zorg nodig hebben. Het zijn echte appartementen, met woonkamer, slaapkamer, keukentje, douche en berghok. Het is alleen wachten tot er een vrij komt. Als er een vrij komt moet je binnen 24 uur ja zeggen en binnen zeven dagen erin trekken. Ze kunnen geen enkele indicatie geven over de termijn. Dan durf je ook niet meer op vakantie.