dinsdag 31 januari 2017

Hassan

Mooi indrukwekkend portret bij Zembla van een Syrisch gezin dat in 2014 overzee naar Sicilië vluchtte,  de boot kapseisde in de Middellandse Zee en de helft van het gezin verdronk.Vader Hassan werd gered en naar Malta gebracht, en zijn zoon naar Sicilië. Zij vinden elkaar terug en komen uiteindelijk te wonen in Nederland te Zutphen. Maar zijn vrouw, schoondochter en kleinkind hebben de tocht niet overleefd. Het programma Zembla volgt ze al een tijd.

Ik ging er naar kijken omdat iemand op Facebook een link naar de documentaire gepost had en erbij schreef: 'Kijken! (als je durft). Waarom begrijpen we helemaal de emoties van mensen die de 2e Wereldoorlog overleefd hebben en zich levenslang schuldig voelen omdat zij niét zijn doodgegaan. Waarom begrijpen we niet dat Syrische vluchtelingen die familieleden verloren op zee eerst moeten zien te leven met dat verlies, voordat ze überhaupt de moed hebben om aan een nieuw leven te beginnen, zonder die geliefden met wie ze dat hadden willen doen.'

Hassan en zijn zoon wonen nu in een kaal Zutphens huurhuis. Na verloop van tijd hebben ook de twee andere kinderen uit Damascus zich bij hen kunnen voegen. Vader Hassan is te gebroken om zich nog te mengen hier, het lukt hem niet om Nederlands te leren. Hij heeft ongeveer geen contact. De jonge generatie lukt het wel beter. Wat een tragisch verhaal. En zo zijn er tienduizenden.  Sommige journalisten tekenen hun verhalen op.

Dezer dagen wordt er veel gereflecteerd op de journalistiek. Alsof zij/wij het allemaal fout gezien hebben met de verkiezing van Trump, en nu weer met hun verbazing over dat Trump inderdaad uitvoert wat hij beloofd had. Dat ze niet genoeg naar de ontevreden burgers hebben geluisterd. 'Je moet niet alleen de Trumps waarheden de hele tijd tegenspreken', hoorde ik een journalist zeggen, maar ook de verhalen van de mensen  in nood blijven vertellen. Geschiedenis schrijven. En lezers / kijkers vinden die die verhalen willen lezen/horen/zien.

Laatst las ik een interview met een paar gepensioneerde journalisten die een nieuw tweewekelijks tijdschrift Argus gaan beginnen op de manier waarop het vroeger ging en volgens hen moet; de journalisten vertellen de verhalen die zij willen vertellen. Een auteurstijdschrift. Niks geen van bovenaf opgelegde formats. 

Wij lezers/luisteraars/kijkers moeten ze (weer) willen lezen/horen/zien. De werkelijkheden bij je in de straat of om de hoek. Want het is niet moeilijk om er omheen te leven en het niet te zien. Dat besef je na het zien van zo'n documentaire.

maandag 30 januari 2017

My boss

Ik weet dat niet met die lof aan het mateloze, uit het vorige blog. Dat rusteloze. Natuurlijk wil ik na het werk en het eten naar de film. Of een concert. Er valt zo veel te genieten. Maar ook van de eigen kamer.

Graag vertel ik over mijn nieuwste baas (ze is er alweer ruim een jaar), dat ze kwam en zei dat ze eerst ons weer gelukkig ging maken. En dat deed ze. Als de mensen nu vragen hoe het met mijn werk gaat antwoord ik: Goed, en dat meen ik, en dan kijken ze me verbijsterd aan. Want de verhalen de afgelopen jaren waren niet zo positief. Het was een kaalslag.

En dan vertel ik hoe leuk ze is en hoe mooi en hoe grappig en wonderlijk en consciëntieus. En dat ze nogal op Máxima lijkt. Als ik dat aan Bobby vertel kijkt hij me een beetje ongelovig aan. Máxima?

Vanavond na een uur of wat tv kijken en dientengevolge onrust over alle nieuws in de wereld, en in mijzelf, ga ik op mijn kamer boven tekenen. Wierook aan. Stevie Wonder aan. Vandaag ga ik Ruth tekenen. En als de tekening af is, is de onrust weer weg. 

Rusteloosheid

Tot 'beste spirituele boek van 2017' is gisteren verkozen Rusteloosheid. Pleidooi voor een mateloos leven van de Vlaamse filosoof Ignaas Devisch. Het gaat op een positieve manier over onrust, over alles willen, niets willen missen. Doorgaans gaan boeken in de spirituele hoek over het zoeken naar rust. Deze man is meer mateloos geboeid door wat dat is dat mensen zoveel willen. Volgens hem is het levenslust, niets willen missen, het leven volop willen leven.

Devisch was gisteren te zien in het programma 'Jacobine op Zondag', Ik kijk het terug. Aan tafel zitten ook schrijfster Rosita Steenbeek die wat mag zeggen over over compassie, filosofe Joke Hermsen over verschillende manieren van beleven van tijd (zij legt dat uit aan de hand van de Griekse begrippen 'chronos' en 'kairos') en Hinne Wagenaar die een nieuw hedendaags klooster Nijkleaster heeft opgezet in (ik meen) Friesland, waar mensen even uit de rusteloze tijd kunnen stappen.

Hoewel rusteloosheid een thema is dat mij regelmatig bezighoud vind ik het gesprek aan tafel behoorlijk onbevredigend. Het komt denk ik doordat de gesprekken te kort zijn, hapsnap, niet uit de verf komen. Misschien gaan gesprekken zo in-het-echt, maar op tv is een beetje gewauwel. Die gasten hebben allemaal boeken geschreven en daar lange betogen opgebouwd, die zijn niet per se sterk in drie minuten.

Gelukkig is er de krant. Een interview met Devisch uit 2016, toen dit boek net was verschenen. 'Ik constateer iets in mijn omgeving en het is mijn job daarover na te denken.' Hij ziet het "druk, druk, druk" hebben. 'Ze hunkeren naar rust en vertraging in hun bestaan en zoeken naar balans en evenwicht. Maar ze plannen hun vrije tijd vol activiteiten. Er moeten cursussen Frans gevolgd, er moet geyogaat en gemediteerd. Er zijn feestjes te bezoeken, er moet buiten de deur gegeten, iets leuks ondernomen. Zelfs een etentje thuis mondt uit in een krachttoer met een mooi gedekte tafel en zelfgemaakte raviolischelpjes. De vraag die hij stelt is simpel: als we zoveel last hebben van de drukte, waarom zoeken we die dan zelf op?' Volgens hem kan rusteloosheid een gevuld en druk leven opleveren, wat iets anders is dan een gejaagd en onbevredigend leven.'

De journalist Rinskje Koelewijn weet het even niet: 'Ik proberen niet steeds terug te bladeren naar wat de 17e-eeuwse filosoof Blaise Pascal zei over rusteloosheid: de oorzaak van alle ellende is volgens hem: het onvermogen van de mens om rustig in een kamer te blijven. Al was het maar heel even.'

zondag 29 januari 2017

Veerpoort

De Veerpoort te Schoonhoven vond ik erg mooi. Dat noodt tot een tekening. Na het wilde avondje uit ben ik helaas niet zo geconcentreerd. De tekening wordt een beetje scheef en uit balans, net als ik zelf, maar toch ook zo mooi genoeg voor de Galerie, Hij doet me denken aan een paar andere tekeningen: die van de Morspoort te Leiden en De Duif in Amsterdam.

Met de muziek mee

Met Nol en Ernie gaan we naar een concertje in een nooit-van-gehoord-zaaltje MerkAz aan de Magdalenastraat bij de Nieuwegracht. Daar treden op de saxofonist Benjamin Herman en de gitarist Anton Goudsmit. Jazzlegenden. Vooral Ernie is vooraf wild enthousiast. Zij speelt zelf nu tien jaar saxofoon.

Het zaaltje is in de voormalige weeshuis-synagoge, die een paar jaar geleden weer in bezit kwam van de joodse gemeenschap die in Utrecht altijd vrij klein is geweest. Er 'kerkt' ook de liberale Joodse gemeente in. En af en toe zijn er concertjes. Ik stuitte op een foldertje - ik denk in de Literaire Boekhandel waar ik het dure boek Rijks kocht. Aan het eind van het concert pleit Benjamin Herman voor het blijven bezoeken van de kleine zalen, nu het machtige Tivoli/Vredenburg bijna alle andere zalen in de stad opgevroten heeft. Rasa had dit weekend zijn laatste concert. Ik ben helemaal voor kleine zalen.

Het is een geweldig leuk optreden. Met zoveel plezier, gemak, souplesse. Als ik op internet zoek en zijn Facebook bekijk treedt deze saxofonist bijna elke avond op. Grote en kleine zalen. En blijkt dat ik vorige week nog naast ze gestaan heb, zie ik nu, bij het openingsfeestje van het Boekenvak in het Nemo. Ze speelden voor en met Jules Deelder. Ik vond hem vooral een Deelder-kloon. Ze werden toen niet aangekondigd. Het was een vreselijk  overcrowded feestje, zo vol dat ik alleen maar weg wilde. En zeker geen aandacht had voor de muziek. Nu dus zomaar in de herkansing.

De avond eindigt in Rubens Proeflokaal op de kop van de Nieuwegracht, waar ze bij elk biertje en elk wijntje een heel verhaal vertellen. Het goede leven. Wat een mooie avond. Ik breng als onderwerp mijn aanstaande verjaardag. Een kroonjaar. De hamvraag is: doe ik het groot of doe ik het klein? Soms wil in en petit comité naar Griekenland ofzo, net als met mijn vijftigste, soms wil ik een echt feest. Nol gaat zijn band Crazzjazz vragen of ze kunnen/willen optreden.

zaterdag 28 januari 2017

Geduld

Al weken heb ik last van mijn haar, het pluist en hangt voor mijn ogen, hoeveel 'product' ik er ook in smeer. Het help niet meer. Vandaag moet het er maar van komen, ook al is het zaterdag. De kappers willen liever niet dat ik op zaterdag kom, want ik duur ruim tweeënhalf uur, maar ze zeggen ook geen nee. 

Deze zaterdag gaat dus op aan de kapper. Deze kapsalon doet niet aan afspraak, dus dat betekent eerst een uur wachten. Er komen hele gezinnen. Geduld. Het is daar zo kleurrijk, qua mensen en conversaties, dat het best te verdragen is. Zo is er is een heel oude dame met een telefoon met een ringtone van een ambulances. En een vrouw met een Noorse vriend die erg van schaatsen houdt en bij de schaatsbaan las: 'Verboden voor Noren'. Er twee roze-geklede meisjes die de hele tijd gekke bekken trekken in mijn spiegel. 

De Poolse kapster constateert met mij dat er helemaal geen permanent meer in mijn haar zit. Bij de derde spoelbeurt onthult ze dat ze permanent zetten zo leuk vindt. Dat kan ik me nou nauwelijks voorstellen. Waarom? vraag ik dus nieuwsgierig. 'Omdat het zulk precies werk is', antwoordt ze, 'zo'n geduldklusje'. Dennis (haar collega die het de vorige keer gedaan heeft) heeft dat geduld niet, weet ze. 'Hij houdt er niet van. Dat kun je zien'. Het fixeer moet je er héél precies uitdeppen, tot het echt droog is. Hij doet dat niet zo precies als zij. 

Geduld met kinderen heeft ze trouwens níet. Die roze meisjes die in mijn spiegel en om haar heen gekke bekken stonden te trekken, die kon ze wel sláán. Achter het behang. 'Daarom heb ik ook geen kinderen. Gek hè, dat ik met permanent wèl geduld heb.' 

vrijdag 27 januari 2017

Lek

Ik heb behoefte aan verre einders en rijd richting Lopik. Naar de Lek. Eerst naar IJsselstein en daar richting Schoonhoven. Toen ik laatst de Lek als wandelstek probeerde, iets ten westen van Vianen, kon je na 20 minuten ineens niet verder. Onderzoek wijst uit dat er onder Lopik allerlei wandelpaden op de Lekdijk en in de uiterwaarden zijn. 

Ik geloof dat dit stukje Nederland op de grens van de provincies Utrecht en Zuid-Holland maar eens een poosje mijn nieuwe hang-out wordt. Wat een schitterende wijdse uitzichten. Ruimte. Stilte. Af en toe een vrachtschip, een rijnaak. Oude stadjes. Veerponten. Het voetveer naar Almeirde vaart niet in de winter, maar bij Schoonhoven varen er twee. 

Vandaag vind ik geen gezelschap, maar het is wel fijn eigenlijk, zo in je eentje scharrelen.