vrijdag 9 oktober 2009

Ruimte in de rug

Ik had Riekje (de manueel therapeute) van de week gemaild: 'Je boodschap na mijn bezoek was als ik het me goed herinner: rechtop staan en rechtop zitten. Als ik nu de hele week rechtop sta en zit, althans probéér eraan te denken, is het dan nog wel nodig dat ik kom?' 'Jazeker', antwoordt Riekje. 'Ik heb geen afwijkingen aan de wervels gevonden, maar je hele lijf is nogal gespannen. Daardoor bouwen klachten zich makkelijker op. De houding speelt daarin een rol, en de bewustwording. Tussen wat zich in je hoofd afspeelt en het effect wat dat heeft op je lijf. De behandeling richt ik op beide.'

'Hoe weet je nou of het geen frozen shoulder is, of een slijmbeursontsteking?' vraag ik. Andere mensen om mij heen met arm- en schouderklachten hebben duidelijke diagnoses. Ik ben bijna jaloers, want ik heb maar steeds geen antwoord als de mensen vragen: Wat héb je dan? 'Als je een frozen shoulder hebt kun je hem echt niet meer bewegen', zegt Riekje. 'En als je een slijmbeursontsteking hebt, dan heb je een constante felle pijn. Dat heb jij niet.' Dat is duidelijke taal.

Ze is sowieso heel duidelijk. Ook in haar behandeling. Weer heeft de patiënt na mij afgezegd en heeft ze weer een uur voor me. Anders dan bij Jasmien, de shiatsu-therapeute bij wie ik op een futon lig in een zijkamertje van de huiskamer, met warme geuren en kleuren en oliën, hier lig ik meer op een soort brancard. Doelgericht masseert Rieke de wervels, de schouderbladen en de rug. Au au, vooral op de schouderbladen. Zij maakt ruimte, zegt ze. De klachten aan de armen komen door mijn houding. Ik zet alles vast. Dat maakt ze los. Ze doet ook een portie cranio-sacraal, maar heel anders dan Jasmien. Heel heilzaam, allebei.

Aan het eind van de sessie doet ze voor in hoe ik die ruimte in schouders rug en wervels zelf kan vergroten. En setje van tien oefeningen, die ik een paar keer per dag moet doen. Ik kan ze niet zo goed onthouden, zeg ik, ik heb er geloof ik geen geheugen voor. Dat snapt ze en ze geeft me een A4-tje mee. Ik vind haar niet meer zo streng. Niet meer zo eng.

Gemis

Napraten - bijpraten - doen Vinnie en ik bij Eylders. En de rozenman komt weer langs. 'Hoe gaat het? Kan iedereen het aan? Ik mis jullie. En ik mis hét. De opwinding. Het gedoe. Zal ik maar weer terugkomen? Of zijn jullie eigenlijk blij dat ik weg ben?' 'Nee, we missen je!' zegt Vinnie. 'Je moet eerst die acupunctuur laten doen', vindt hij. 'Dat lijkt me zo fascinerend! En de werkplek laten aanpassen. Niet alleen op het werk, maar ook thuis.'

Dinsdag gaat hij naar Frankfurt. Vorig jaar waren we samen, het was zijn eerste keer. Nu gaat hij alleen. Niet helemaal, want Nieuwe Baas gaat nu in mijn plaats. Mijn hotelkamer kon niet meer gecancelled.

Voel de opwinding weer door het lijf jagen. 'Zal ik stiekem toch gaan, als toerist', bedenk ik. 'Dat ik er wel ben, maar dat ik niets hoef.' 'Ja leuk', zegt Vinnie.

Gaat die zien

Práchtige film, de Helaasheid der Dingen. Ben er naar toe geweest met Vinnie, ook lid van de club (Cineville). Was een half jaar geleden in het boek begonnen (Dimitri Verhulst) maar kon er geen weg in vinden en ben toen afgehaakt. De film is ongetwijfeld een heel knappe weergave van de roman, een belevenis van het boek. Jongetje (schrijver in wording) groeit op in wat de burgermaatschappij geneigd is 'asociaal milieu' te noemen. Maar net zoals je een godsdienstwaanzinnige jeugd met liefde kunt herbezien, kun je ook een jeugd in een huis van oma met vier alcoholistische oudere zonen plus een kleinzoon met liefde beschrijven en vertonen. Wat zal ik zeggen. Schitterende film. Gaat die zien.

In Het Parool lees ik dat Verhulst best moeite had met de verfilming. Enerzijds omdat zijn familie er niet blij mee is, en ook om de manier waarop de hoofdpersoon (de schrijver) is neergezet. Maar dat hij het al ras had losgelaten, en overgegeven aan producent en regisseur.

donderdag 8 oktober 2009

Gat in de voortand

Vanmorgen sta ik al vroeg onder de douche om op tijd weg te kunnen om Mutti te bezoeken. Lekker lang poedelen is een echte lievelingsbezigheid. Ik verzin allerlei minitaakjes onder de douche, die allemaal alle volle aandacht krijgen. Mindfullness. Onder de douche kan ik het wel. Zo poets ik daar ook ongeveer vijf minuten mijn tanden. Vanmorgen kwam daarbij ineens een vulling los. Een vulling uit een voortand.

Heb ik dat weer! En de tandarts blijkt op herfstvakantie. Bel zomaar een tandartsenpraktijk aan de Keizersgracht. Onder de Westertoren. Ik kan er om 14.15 uur terecht. Nee, echt niet eerder. Mutti bellen: 'Mutti, ik kom toch niet.' En ik had Mutti net intensief voorbewerkt en geïnstrueerd géén lekkere dingen voor mij te kopen. Géén gevulde koeken, géén krentenbollen, géén brood, géén kaas, géén toetje. Níets. Wat ik eet neem ik mee. Helaas Mutti, het kind komt niet.

Terwijl ik de nieuwe tegenslag op de bank lig te verwerken belt Will: 'Hé Lucie Theodora, heb je al een nieuwe winterjas? Ik heb een dagje vrij genomen. Zullen we een nieuwe winterjas voor jou gaan kopen?' 'Nee, want ik heb een gat in mijn voortand.'

Het zijn hele lieve jonge tandartsen bij de tandartsenpraktijk aan de Keizersgracht. En lieve assistentes. Op de tandartsstoel ben ik helemaal geen held. De tandarts-assistente dept mijn gezicht: 'Mevrouw, het angstzweet staat op uw voorhoofd.' En gelukkig houdt ze desgevraagd ook even mijn handje vast.

woensdag 7 oktober 2009

Blush

Mensen die blozen worden aardiger en betrouwbaarder gevonden dan mensen die niet rood worden. Vanmorgen een interview met onderzoekster Corine Dijk in nrc next die op 'blozen' is gepromoveerd. Volgens Dijk is het bij sociale overtredingen juist gepast om te blozen. Als je iets hebt gestolen en daarbij betrapt wordt, of je laat een scheet in een lift. Mensen die op zo'n moment blozen worden sympathieker gevonden dan mensen die dat niet doen. Maar wat de onderzoekster ook zegt: blozers zelf vinden het héél erg. Ze laten zich er tegenwoordig zelfs aan opereren!

Laat ik het maar meteen bekennen: als kind had ik er heel erg last van. Ik bloosde al als ik zag aankomen dat de tafelconversatie een bepaalde kant opging. 'Jongens.' Vijf zusjes en wie verliefd was op wie. Voor het überhaupt in de verste verte aan de orde was, overigens. En alle geschwister wisten precies wanneer ik zou gaan blozen en pestten me daar dan graag mee. O, wat was dát erg.

Later hield ik wel eens lezingen. Dan werd ik zo rood als een kreeft van de spanning. Dat begon uren van tevoren met vlekken in de nek, die breidden zich steeds verder uit over het hele bovenlichaam en bleven uren hangen. Het verspreidde zich in het ergste geval tot de ellebogen en de knieën. Blozende bovenarmen en dijbenen. Wie het niet kent die verzint het niet! Toen had ik de keuze: of nooit meer de deur uit, of het maar accepteren. Er zijn mensen die de deur niet meer uitgaan, maar ik heb maar besloten het te accepteren.

Natuurlijk ben ik nu extra mild over blozers, zowel waar het mijzelf betreft als anderen. Die anderen: dat zijn vooral collega's en sollicitanten. In mijn leeftijdscategorie krijg je trouwens weer dat de rode hoofden meer met de overgang geassocieerd worden dan met blozen. Oók weer zoiets. Kun je je óók enorm voor genéren en nooit meer de deur uitgaan. Of het accepteren.

Slotconversatie

Biologerende film in het Filmmuseum (ook onderdeel van Cineville): Last Conversation. Bijzonder passend in mijn verhaallijn 'Frau und Auto.' Mooi vervolg ook op de vorige film die ik zag: De Fuik, waarin de hoofdrolspeelster machteloos achterin de auto zat. Nu zit ze eigenmachtig voorin. Maar hoe!

Last conversation is een nogal ongewone roadmovie, het is het speelfimdebuut van de Rotterdamse regisseur Noud Heerkens. De enige acteur (v) is Johanna ter Steege, die in De Fuik de zwijgende moeder speelde. Nu speelt ze een maatschappelijk succevolle advocate, Anne, die in haar auto door de Ardennen scheurt, telefonerend met haar ex-geliefde. Het is het laatste gesprek dat ze voeren. Haar tegenspeler is de mobiele telefoon, maar je verstaat niet wat er aan de andere kant gezegd wordt.

De camera registreert Anne's gezicht, haar handen op het stuur, haar water drinkend, asfalt, de bermen, weidse uitzichten langs snelwegen en provinciale wegen. Vooral als er voor je gevoel minutenlang alleen maar voortrazend asfalt getoond wordt, word je bijna duizelig. Het is wel opzwepend. Ik dacht even: ben ik bij een artfilm beland? Maar het is toch echt een speelfilm met een spanningsboog en een plot die ik eigenlijk niet wil verraden, want gaat hem zien, autorijdsters der wereld.

Heel langzaam ontrolt zich het drama dat zich de dagen, weken, maanden, misschien wel járen vóór deze autorit heeft afgespeeld. Het is het eeuwenoude oud drama, van liefde en overgave, de minnares en de echtgenote, halve waarheden en leugens. Maar de manier waarop dit gefilmd is, die allenige gekwetste persoon in een vrij leeg landschap, zo zijn de thema's autorijden en beëindigen van een relatie nog nooit tot mij gekomen.

Blij met prei

Ik lijk steeds meer een kruidenvrouwtje. Bij mijn wonderdieet waarbij ik alleen maar mager vlees & groenten mag begin ik een grotere voorkeur voor ouderwetse groenten te ontwikkelen. Spruitjes, rode kool, zuurkool, broccoli, venkel, witlof: daar heb je wat aan. Die groenten vullen, voeden, hebben een pregnante smaak. Gisteren intens genoten van bietjes. Paprika, tomaat, komkommer, sla die altijd in het assortiment zaten, zijn ineens waterig en saai. Straks mag ik een portie prei. Daarnaast drink ik dagelijks mijn kopjes brandnetel- en venkelthee.

Wat ook een kruidenwonder is: al maanden ben ik van 02 tot 05 uur wakker: je kunt er de klok op gelijk zetten. 'De lever!', roepen de alternativo's in koor. Is er iets met mijn lever, vraag ik bezorgd. Nee, we hebben het nu over de lever in energétische zin. Een beetje moeilijk uit te leggen. Door de dag herstellen alle organen zich en tussen 02 en 05 uur des nachts is dat de lever. O. En dan, vraag ik, en dan? Want ik wil geen slaappillen.

De nieuwe antroposofische dokter geeft een potje groene pillen. Daar moet ik er 's avonds drie van tussen de kiezen vermalen (jak!) en dan doorslikken. En verdomd als het niet waar is: twee keer word ik pas om 04 uur wakker en val ik vrij snel weer in slaap, een nacht slaap ik helemaal door! Wat is dit voor een wondermiddel? Een mix van bosaardbeiblad en wijnstokblad. Wie verzint zoiets? Op een dag heeft iemand bedacht: Laten we eens een mixje van bosaardbeiblad en wijnstokblad maken en tot pillen vermalen en aan mensen geven die tussen 02 en 05 wakker liggen.